Johan Claus over Uplace en andere Vilvoordse politieke kwesties: ‘Als ze Uplace in Shakamaka zouden neerpoten, zou ik misschien ook een vliegtuig nemen om daar eens naartoe te gaan’
De afgelopen jaren werkte Vilvoorde hard aan een imagoboost. Getuige daarvan zijn de vele bouwprojecten die van de oude industriestad opnieuw een aanlokkelijke woonzone willen maken en de renovatieplannen voor het handelcentrum. Het gemeentebestuur was er tot voor kort dan ook van overtuigd dat men alle troeven in handen had om van Vilvoorde opnieuw een stad te maken waar het fijn is om te wonen. De plannen voor het reusachtige shoppingcomplex Uplace strooiden de afgelopen maanden echter roet in het eten. Eén jaar voor de gemeenteraadsverkiezingen en één maand nadat de Vlaamse regering de bouwvergunning van Uplace goedkeurde trok ik naar Johan Claus, schepen van jeugd, lokale economie en feestelijkheden om zijn politieke verhaal te ontdekken.
Waarom bent u eigenlijk in de politiek gegaan?
Mijn grootste motivatie om in de politiek te gaan, was eigenlijk het zoeken naar engagement. Inzet voor anderen is mij met de paplepel ingegeven. Van jongsaf aan was ik dan ook geëngageerd. Ik wilde voor iedereen goed doen en organiseerde ook heel graag.
Hoe bent u dan uiteindelijk in de Vilvoordse politiek gerold?
Net als vele andere politici ben ik erin gerold door een gelukkige samenloop van omstandigheden. Toen ik zoveel jaren geleden naar Vilvoorde verhuisde, kwam ik terecht bij een groep vrienden die banden bleken te hebben binnen de liberale familie. Via die vrienden ben ik destijds in de VLD terechtgekomen. Je moet echter niet denken dat ik meteen veel te betekenen had. Mijn politieke carrière begon eigenlijk simpelweg met veel afwassen en afdrogen. Daarna kreeg ik dan bij één of andere verkiezing een opvulplaatsje op de lijst van de VLD. Maar van het één kwam later het andere…
En er was nog niemand anders in uw familie die al in de politiek zat? Iemand waarnaar uw opkeek?
Neen, op dat gebied ben ik geen papaskindje.
Geen Alexander De Croo?
Neen, neen. Het is in de partij soms zeer moeilijk om op te klimmen zolang die politieke kopstukken zonen of dochters maken, maar ik sta mijn mannetje op lokaal niveau.
U bent dus eigenlijk toevallig bij de liberalen terechtgekomen, maar is er dan een reden waarom u bij de liberalen gebleven bent?
Ik denk dat ik als liberaal geboren ben. Ik kom zowel langs moeders als langs vaders kant uit een nest van zelfstandigen. Hierdoor zat het liberalisme er al vroeg ingebakken. Kinderen kiezen vaak automatisch voor de partij van hun ouders. Mijn ouders kozen voor de liberale partij, omdat dat volgens hen de partij was die het het beste voorhad met de mensen en de kleine zelfstandigen. Het is dan ook logisch dat ik een liberaal zou worden.
En wat betekent het liberalisme dan eigenlijk voor u?
Naar mijn idee is vrijemeningsuiting het grootste liberale uitgangspunt. Liberalisme houdt in dat iedereen zijn zegje mag doen. Dat neemt niet weg dat je je soms bij beslissingen moet durven neerleggen. Je werkt immers nooit voor jezelf, maar voor een partij en je bent gebonden aan die partij. Bovendien zijn sommige beslissingen nu eenmaal beter voor het algemeen belang en voor de welvaart van iedereen. Het zich neerleggen bij een beslissing is echter voor sommige mensen niet evident. Bij de Dedeckers onder de politici loopt dat erg stroef.
Voor Open Vld zijn mobiliteit, parkeergelegenheid en verkeersveiligheid absolute prioriteiten. Als de plannen voor Uplace goedgekeurd worden, komen er per dag naar schatting 25000 auto’s bij op de Brusselse Ring en dreigt Vilvoorde een sluipgemeente te worden. Gaat u zich opnieuw tegen de plannen verzetten?
Absoluut. Wie Vilvoorde kent, weet dat men nu al bijna van ’s morgens tot ’s avonds stilstaat. Dat ligt aan het feit dat heel wat mensen door Vilvoorde rijden om naar Mechelen of Brussel te gaan. Als de Brusselse Ring ook maar even vaststaat, wordt Vilvoorde overspoeld door mensen die een uitweg zoeken. De oorzaak van de problemen ligt niet bij de Vilvoordenaar, maar bij de algemene Vlaamse mobiliteit. Het is dan ook de taak van de Vlaamse regering om een oplossing te zoeken. Met het goedkeuren van de bouwvergunning van Uplace is de Vlaamse regering echter zeker niet op de goede weg. Al moeten we de bouwvergunning wel nuanceren. De Vlaamse regering heeft ze immers enkel goedgekeurd mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Eén van die voorwaarden is dat Uplace geen groot mobiliteitsprobleem met zich meebrengt, en ik denk niet dat de Vlaamse regering dat kan vermijden. De geldpot die het mobiliteitsprobleem van de Brusselse Ring moet aanpakken, is immers dezelfde geldpot die de Lange Wapper moet betalen. Gezien de huidige crissfeer in Europa en in de rest van wereld denk ik niet dat Vlaanderen morgen 800 miljoen gaat bij vinden om dat allemaal te kunnen financieren.
U bent schepen van lokale economie. Denkt u dat Uplace een invloed zal hebben op de economie in Vilvoorde? Zullen de kleine handelaars de dupe worden van het megalomane project?
Ja, absoluut. Uplace kan naar mijn mening een leegloop in de winkelstraat teweeg brengen. Het is niet voor niets dat we destijds kernversterkende maatregelen genomen hebben en dat de Ikeawetgeving die zulke projecten vlakbij een stadscentrum moet voorkomen, is ingevoerd. De mensen beseffen niet goed wat zo’n project van 200 000 vierkante meter inhoudt. Ik hoor heel vaak –en dan vooral van vrouwen- de vraag waarom ik tegen al die winkels ben. Ik ben echter niet tegen al die winkels op zich. Als ze Uplace morgen in ‘Shakamaka’ zouden neerpoten, zou ik misschien ook een vliegtuig nemen om daar eens naartoe te gaan. Maar laat ons eerlijk zijn, zo’n project op 2 km van het centrum van Brussel en op 1 km vogelvlucht van centrum Vilvoorde, kan niet anders dan nefast zijn voor de plaatselijke economie. Ik vind het ook belachelijk als ze mij verwijten dat ik de algemene belangen hierdoor schaad. Ik ben verkozen in Vilvoorde en ik verdedig de belangen van de Vilvoordse middenstand. Ik verdedig het algemeen belang niet.
Wil de Vilvoordse gemeentepolitiek eigenlijk wel iets aan de dreiging van Uplace doen? In de Vlaamse pers wordt er momenteel immers tegenstrijdig over de visie van Vilvoorde bericht.
Ik denk van wel. De mensen die de stad of de middenstandsraad verwijten dat ze vóór Uplace zijn, hebben het bij het verkeerde eind. Dat blijkt uit de vergadering en de notulen van de vergadering over Uplace. Wij, als middenstandraad, hebben gesteld dat we niets tegen het concept van Uplace hebben. De beleveniswinkels op zich zijn een goed idee, maar we hebben wel serieuze bedenkingen bij de uitvoering van het idee. Wij krijgen immers het signaal dat het project van 200 000 vierkante meter nog niet voor de helft gevuld zal raken met beleveniswinkels. Onze vrees is dan ook dat de promotoren, die in de eerste plaats geld willen verdienen, de rest van het project zullen opvullen met gewone winkels. Ik wil daarbij ook benadrukken dat wij niet alleen tegen Uplace zijn. Wij zijn ook op onze hoede voor de projecten die in Brussel op stapel staan.
Zijn er concrete dingen die Vilvoorde kan ondernemen tegen Uplace?
Ik denk dat het heel belangrijk is om ons te wapenen tegen Uplace. Dat kunnen we bijvoorbeeld doen door Vilvoorde te promoten en te verkopen. Vilvoorde heeft zoveel te bieden, maar daar wordt niets mee gedaan. Ik ga daar eerlijk in zijn. Tot vorig jaar was er voor toerisme nul komma nul euro ingeschreven in de begroting. Daar komt nu gelukkig verandering in.
Op vlak van lokale economie ben ik bovendien al bezig met een volledige herinrichting van het handelscentrum. Het huidige handelscentrum moet een nieuw jasje krijgen. Dat betekent nieuwe voetpaden, nieuwe wegen… Alles wat kan vernieuwd worden, moet vernieuwd worden. Die vernieuwing moet bovendien innoverend zijn. Daarmee bedoel ik dat wij ons op vlak van city marketing meer moeten profileren als ‘de vernieuwde stad’. We moeten Vlaanderen duidelijk maken dat Vilvoorde vernieuwt en dat de stad heel gezellig is om te winkelen. Bovendien moeten we ook meer naar buiten komen als mediastad
Vilvoorde is ook al heel wat jaren bezig met bouwprojecten om de oude industriestad langs het kanaal op te fleuren. Denkt u dat de drukte die Uplace met zich mee zou kunnen brengen mogelijke nieuwe inwoners zou kunnen afschrikken?
Ik denk niet dat Uplace nieuwe bewoners zal afschrikken. Vilvoorde zit immers nog steeds in een serieuze expansie. De prognoses van het inwonersaantal tonen een stijgende tendens. Vilvoorde zal de komende jaren zeker nog groeien als stad en zal op enkele jaren tijd van 40 000 duizend naar 45 000 inwoners gaan. Om al die bewoners te blijven huisvesten is die vernieuwde ‘stad aan het water’ noodzakelijk. Belangrijk is daarbij ook dat de nieuwe projecten gericht zijn op tweeverdieners om het sociale evenwicht te herstellen.
Naast schepen van lokale economie, bent u ook schepen van Jeugd. Vilvoorde wordt steeds multicultureler. Vindt u dat het jeugdwerk zich daaraan moet aanpassen?
Ik denk dat het jeugdwerk dat doet. Vanuit de jeugddienst en de jeugdraad vragen wij dat de traditionele jeugverenigingen zich toegankelijker zouden opstellen voor de meer kwetsbare jongeren. Jeugdverenigingen die op zoek gaan naar manieren om jongeren van allochtone afkomst toe te laten treden in hun vereniging, krijgen extra subsidies. En ik moet zeggen dat de jeugdverenigingen zeker hun best doen. Hun deuren staan open. De chiro in het centrum van Vilvoorde heeft bijvoorbeeld een aantal jongeren van allochtone afkomst, en de samenwerking verloopt uitstekend. Ook heeft Vilvoorde onlangs een jeugdpreventiewerker in dienst genomen. Die probeert de hangjongeren bij elkaar te krijgen, en dat lukt hem aardig. Tijdens de laatste schoolvakantie, de herfstvakantie, slaagde hij erin om op één woensdagnamiddag een groep van bijna 60 jongeren bijeen te krijgen. Dat vind ik prachtig.
U bent dus tevreden met de beslissing om een jeugdpreventiemedewerker aan te werven?
Ik sta daar absoluut achter. Ik denk dat het belangrijk is dat er iemand die jongeren bezighoudt, en ze ook op de vingers durft tikken. Vilvoorde wil absoluut dingen doen voor de jeugd, maar de jeugd moet de evenementen natuurlijk ook willen opzoeken.
Maar weten de jongeren wel wat er allemaal te doen is? Tegenwoordig zit er meer en meer jeugd online. Daardoor zijn de jongeren moeilijker te bereiken. Hoe gaan jullie daarmee om?
De jeugddienst past zich goed aan. Wij zitten al meer dan een jaar op facebook, en wij verzorgen via dat netwerk de meeste communicatie. Voor onze laatste fuif hebben we enkel reclame gemaakt via sociale netwerksites, en er kwam 650 man. Dat bewijst dat de tijd van het succes van affiches lang voorbij is. Ook werken we met een enorme mailinglist. Die wordt echter minder belangrijk door het enorme succes van facebook. Natuurlijk beseffen we dat we onze communicatiekanalen nog verder uit kunnen breiden, maar ik denk dat we op goede weg zijn
U zei aan het begin van het interview dat u in de politiek bent gegaan uit engagement. Zijn er bepaalde dingen die u hoopt te realiseren via uw politieke functie?
Ja, uiteraard wil je als politicus altijd verandering brengen. Ik ben nu vijftien jaar actief in de politiek, waarvan de laaste vijf jaar met een mandaat als schepen. Als schepen kan je iets bereiken, maar natuurlijk kan je enkel iets realiseren op de vlakken waarvoor je bevoegd bent. Zoals ik daarnet al zei, wil ik op het vlak van lokale economie vooral aan een vernieuwd handelscentrum werken. Op vlak van jeugd wil ik verder blijven werken aan veiligheid en brandveiligheid van jeugdlokalen. Mijn belangrijkste droom is echter om de Vilvoordenaar opnieuw trots te maken op zijn stad. Op het gebied van feestelijkheden maak ik daarom enorm veel werk van city marketing. Tijdens mijn mandaat is Carnaval bijvoorbeeld van niets naar een topevenement gegaan. Ook ben ik erin geslaagd verschillende evenementen zoals de VTM-kerstparade en ‘Hit the road’ naar Vilvoorde te halen.
Zijn uw verwezenlijkingen op het gebied van feestelijkheden dan ook de politieke daden waar u het meest trots op bent?
Ja. Ik vind het enorm belangrijk om de Vilvoordenaar terug trots op zijn stad te maken. Die fierheid is immers een beetje zoek. Dat komt naar mijn mening onder andere omdat er zoveel criticasters zijn. Ik besef wel dat niet alles in Vilvoorde goed gaat, maar zeker niet alles gaat slecht. Mensen moeten ook eens durven toegeven dat er in Vilvoorde best wel enkele mooie projecten op touw gezet zijn.
Nog een laatste vraagje. Bent u nog kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezingen van oktober volgend jaar?
Ja, absoluut.
Bent u daar nu al mee bezig?
Ja, wij zijn daar nu toch al zes maanden mee bezig. Het moeilijkste en belangrijkste is momenteel om 35 geschikte en bekwame mensen te vinden die op de lijst van Open Vld willen staan.
Wat zijn jullie belangrijkste programmapunten?
Wat mij betreft, wil ik vooral verder verwezenlijken waarmee ik nu bezig ben. Dat wil zeggen dat ik wil gaan voor een bloeiend Vilvoorde waarin het fijn is om te wonen. Een Vilvoorde waarop de Vilvoordenaar fier is.
Dat klinkt goed. Bedankt voor dit gesprek en nog veel succes bij de komende gemeenteraadsverkiezingen.